TL;DR: Head-and-shoulders is een omkeerpatroon met drie pieken: een linkerschouder, een hogere kop en een lagere rechterschouder, met een nekline door de dalen. Pas een doorbraak onder de nekline bevestigt het patroon. Het omgekeerde patroon (na een daling) is het spiegelbeeld. Het patroon mislukt regelmatig.
Wat kun je verwachten?
- Tijd per week
- Circa 3 tot 6 uur per week voor grafieken bekijken, plannen en evalueren.
- Startkapitaal
- Geen vast minimum. Bij kleine bedragen wegen orderkosten en spread zwaar. Alleen geld gebruiken dat je kunt missen, en nooit meer riskeren per trade dan je vooraf hebt bepaald.
- Typische tegenvallers
- Valse doorbraken, patronen die mislukken, reeksen verliezende trades en gaten die je stop-loss voorbijgaan. Bij short gaan kan de koers sterk stijgen.
- Kosten
- Orderkosten, spread, financierings- en overnachtkosten bij CFD's, leenkosten bij shorten en eventueel kosten voor koersdata. Vergelijk de kosten van meerdere brokers.
- Niet geschikt als…
- Mensen die op zeker willen spelen, geen verlies kunnen dragen of geen ervaring hebben met hefboom en shorten. Beginners kunnen beter eerst in een demo oefenen.
Hoe werkt het?
Het head-and-shoulders-patroon is een klassiek patroon uit de technische analyse. Na een stijging vormt de koers een linkerschouder (piek), een hogere kop en een lagere rechterschouder, met een steunlijn (nekline) door de dalen ertussen. Breekt de koers onder die nekline, dan wijst het patroon op een mogelijke omkeer. Het omgekeerde patroon na een daling wijst op een mogelijke stijging. Het patroon is pas bevestigd bij een doorbraak, en ook dan kan het mislukken. Een koersdoel uit de hoogte van het patroon is een vuistregel. Dit is educatie en geen beleggingsadvies.
Kern principes
- 1. Het patroon heeft een voorafgaande stijging nodig (het omgekeerde patroon een daling)
- 2. De kop is hoger dan beide schouders
- 3. Alleen een doorbraak van de nekline bevestigt het patroon
- 4. Een doorbraak met hoger volume is overtuigender, maar geen garantie
Stappen plan
- 1
Zoek een voorafgaande stijging
Het patroon heeft een stijging nodig om om te keren. Zoek een duidelijke trend van meerdere weken tot maanden. Zonder trend is er niets om om te keren.
- 2
Herken linkerschouder en kop
Markeer de linkerschouder en de hogere kop met de dalen erna. Teken een voorlopige nekline door die twee dalen.
- 3
Controleer de rechterschouder
De rechterschouder is een lagere piek die de kop niet haalt. Veel handelaren kijken of het volume daar lager is. Zie het als een kandidaat, nog geen signaal.
- 4
Wacht op de doorbraak en plan je trade
Handel pas na een slotkoers onder de nekline. Bepaal vooraf je instap, stop-loss, koersdoel en positiegrootte, en bereken de verhouding tussen risico en kans. Short gaan geeft extra risico.
- 5
Beheer en evalueer de trade
Houd je aan je stop-loss en je plan. Noteer de trade in een dagboek en evalueer na kosten welke patronen werkten en welke niet.
Details per onderdeel
Opbouw van het patroon
Het patroon heeft vier onderdelen. De linkerschouder is een piek met een daling erna. De kop is een hogere piek, gevolgd door een daling naar ongeveer hetzelfde niveau. De rechterschouder is een lagere piek die de kop niet haalt. De nekline verbindt de twee dalen en wordt gezien als steun.
Breekt de koers onder de nekline, dan wijst het patroon op een mogelijke omkeer van de stijging. Een nekline hoeft niet horizontaal te zijn. Er bestaan geen vaste regels voor hoe symmetrisch het patroon moet zijn.
Het omgekeerde patroon
Het omgekeerde head-and-shoulders is het spiegelbeeld na een daling: een linkerschouder (dal), een lagere kop en een hogere rechterschouder, met een nekline als weerstand. Breekt de koers boven de nekline, dan wijst dat op een mogelijke stijging. De berekening van het koersdoel is dezelfde, maar dan omhoog. Ook dit patroon kan mislukken.
Koersdoel en gemeten cijfers
Het koersdoel is de afstand van de kop tot de nekline, afgezet vanaf de nekline. Dat is een vuistregel. Thomas Bulkowski heeft de resultaten van duizenden patronen bijgehouden. Zijn cijfers voor het head-and-shoulders-patroon aan de top (zie de bronvermelding bij dit patroon) laten zien dat het koersdoel ongeveer in de helft van de gevallen wordt gehaald. Het is historisch, gemeten op het koersdoel, vóór kosten en geen garantie voor de toekomst.
Volume, risico en shorten
Veel handelaren letten op volume: dalend naar de rechterschouder en hoger bij de doorbraak. Dat kan helpen om zwakke patronen te vermijden, maar garandeert niets.
Handel je op een daling, dan ga je short. Dat kan via CFD's of opties. Het verlies is theoretisch onbeperkt als de koers stijgt, en bij hefboom lopen verliezen sneller op. Er komen financieringskosten bij. Gebruik een stop-loss, beperk je positiegrootte en oefen eerst in een demo.
- Kunnen herkennen van trends, steun en weerstand
- Basiskennis van stop-loss orders en shorten
- Een vast plan voor risico per trade
- Grafiekpakket met volume
- Tool voor positiegrootte
- Tradingdagboek
- 01 Zoek een volledig patroon: linkerschouder, kop en rechterschouder
- 02 Teken de nekline door de twee dalen
- 03 Stap pas in na een slotkoers onder de nekline (bij het omgekeerde patroon erboven)
- 04 Controleer of het volume bij de doorbraak hoger is dan gemiddeld
- 05 Bereken vooraf je risico en positiegrootte
- 01 Zet een stop-loss boven de rechterschouder (bij het omgekeerde patroon eronder)
- 02 Een veelgebruikt koersdoel: afstand van kop tot nekline, afgezet vanaf de nekline
- 03 Je kunt een deel van de positie sluiten bij een tussendoel
- 04 Sluit of herzie de positie als de koers terug door de nekline gaat
Cijfer met contextBron: Thomas Bulkowski, 'Bulkowski on Head-and-Shoulders Tops' op thepatternsite.com (gebaseerd op zijn onderzoek voor de Encyclopedia of Chart Patterns). Bij een opgaande markt haalde 51% van de patronen het koersdoel; de 'break-even failure rate' (zijn eigen definitie van mislukken) was 19%. Historisch, gemeten op koersdoel, vóór kosten, geen garantie.
Reken voorbeeld
Fictief rekenvoorbeeld (geen advies, geen voorspelling). Een aandeel stijgt en vormt een head-and-shoulders. De kop ligt op €100, de nekline op €85 en de rechterschouder op €93. Na een slotkoers onder €85 ga je short op €84,50. Je zet je stop-loss op €94 (boven de rechterschouder).
Formules:
- Hoogte van het patroon = kop − nekline = €100 − €85 = €15
- Koersdoel (vuistregel) = nekline − hoogte = €85 − €15 = €70
- Risico per aandeel = stop − instap = €94 − €84,50 = €9,50
- Kans per aandeel = instap − doel = €84,50 − €70 = €14,50
- Verhouding kans / risico = €14,50 / €9,50 = 1,53
Positiegrootte: wil je maximaal €100 riskeren, dan is dat €100 / €9,50 = 10,5, afgerond 10 aandelen. Een verlies bij de stop is 10 × €9,50 = €95. Het doel zou 10 × €14,50 = €145 opleveren, vóór kosten.
Het doel wordt in ongeveer de helft van de gevallen gehaald (zie de bron). Bij short gaan lopen ook financierings- en leenkosten door en kan de koers verder stijgen dan je stop bij een gat. Dit zijn verzonnen cijfers.
Hypothetisch voorbeeld, geen advies.
Reken het zelf uit
Risico's en risicobeheer
- Het patroon mislukt regelmatig: het koersdoel wordt vaak niet gehaald
- Patronen zijn achteraf makkelijker te zien dan op het moment zelf
- Valse doorbraken en snelle terugkeer boven de nekline
- Wie op een daling speelt (short) kan een onbeperkt verlies lijden als de koers stijgt
- Bij hefboomproducten zoals CFD's kunnen verliezen snel oplopen en komen financieringskosten erbij
- Gaten en snelle bewegingen kunnen je stop-loss voorbijgaan
- Kosten (spread, orderkosten) en leenkosten bij shorten
Leer de basis
Belangrijkste punten
- Head-and-shoulders is een klassiek omkeerpatroon, maar het is geen betrouwbare voorspeller. Het mislukt regelmatig.
- Alleen een doorbraak van de nekline bevestigt het patroon. Wie eerder handelt, handelt op een verwachting.
- Het koersdoel uit de hoogte van het patroon wordt in een deel van de gevallen niet gehaald. Plan daarom met een stop-loss.
- Wie short gaat, loopt extra risico. Beperk je risico per trade en oefen eerst in een demo.
Veelgestelde vragen
Hoe vaak werkt het head-and-shoulders-patroon? +
Er is geen vast percentage. Thomas Bulkowski vond voor het patroon aan de top in zijn gegevens dat het koersdoel in ongeveer de helft van de gevallen werd gehaald (zie de bronvermelding). Dat is historisch en vóór kosten, en zegt niets over wat het volgende patroon doet. Behandel elk patroon als een kandidaat en beperk je risico per trade.
Kan ik het patroon op een kort tijdframe handelen? +
Je kunt het patroon op elk tijdframe tekenen. Op korte tijdframes is er meer ruis en vallen valse signalen vaker voor, terwijl kosten zoals spread zwaarder wegen. Beginners kunnen beter eerst op langere tijdframes en in een demo oefenen.
Hoe herken ik een echte rechterschouder? +
Een rechterschouder is een lagere piek die de kop niet haalt, met een nekline die ongeveer door de dalen loopt. Steekt de koers boven de kop uit, dan is het patroon mislukt. Je kunt dit pas achteraf zeker weten, dus wacht tot het patroon compleet is en de nekline breekt voordat je handelt.
Herkomst
Algemene techniek